De Eerste Wijk is het grootste en oudste sociaal agrarisch bedrijf van Nederland. Voortbouwend op de gedachten van de Kolonie van Weldadigheid (1823) bedrijft men duurzame landbouw. Het bedrijf schept daarmee werkgelegenheid voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Op de 100 hectare grond worden o.a. hennep en miscanthus (olifantengras) geteeld, als grondstof voor bouwmaterialen, die onder andere gebruikt worden bij de isolatie van de historische panden in Veenhuizen. Het hopveld en bijbehorende volledige verwerkingsinstallaties zijn de grootste van Nederland. De prei is al vele tientallen jaren een bekend product van de Eerste Wijk, met eigen snij-afdeling. De ambitie is om in de komende jaren steeds meer toe te werken naar biologische producten en korte lijnen naar afnemers.

Naast de landbouw is er een kwekerij en een groenbedrijf, dat een groot deel van Veenhuizen verzorgt, rondom het gevangenismuseum en de twee gevangenissen, en op het "Vierde Gesticht", de oude begraafplaats van Veenhuizen.

Dagelijks werken er 30-40 mensen op de Eerste Wijk, variërend van gedetineerden uit de gevangenis van Veenhuizen, tot werklozen van de gemeente Noordenveld, en van statushouders uit het COA tot deelnemers van de Reclassering. Een gevarieerd gezelschap, onder leiding van vakmensen op de verschillende specialismen.